bordenmeisje


Het Bordenmeisje...

...met schitterende partijen van Hollandse meesters! Aflevering 5

Door Gerard de Winter, toegevoegd op 12-1-2014

Helmut Cardon (14 juli 1963) komt oorspronkelijk uit het Zeeuws Vlaamse Sas van Gent. Hij is een zoon van de beroemde schaakorganisator (25 jaar ECI-toernooi) en Het Witte Paard voorman - wijlen - Walter Cardon. Helmut is op 25-jarige leeftijd Internationaal Meester geworden. Hij is lid van The Internet Chess Club met 30.000 leden. Naast zijn partijschaken heeft hij een paar toernooiboekjes geschreven: Boedapest 1987, Sas van Gent 1986, en nog zijn bijdrage geleverd aan enkele kleinere uitgaven.

In de schaakdatabank Simbase staan 177 partijen (peildatum augustus 2004) die door Helmut Cardon gespeeld zijn: hij won 52 partijen, hij verloor 51 partijen en 74 partijen eindigden in een remise. Zijn winstpercentage is 50.

Helmut Cardon

Helmut Cardon, heeft al snel voor het bedrijfsleven gekozen.

Wit: Zsolt Nemeth 
Zwart: Helmut Cardon 

illustratie

Illustratie: Gerard de Winter

Journalist/schaker en bovendien ook meerdere malen Zeeuws kampioen Cor Jansen schreef in de Provinciale Zeeuwsche Courant (PZC): Hoe sommige Witte Paarden met hun tegenstanders 'spelen' is glashelder te zien in de volgende meesterlijke positiepartij van Helmut Cardon tegen de 15e wereldkampioen correspondentieschaak Ger Timmerman. De partij werd gespeeld in de cruciale wedstrijd - promotie van 1e klasse naar meesterklasse voor HWP - tussen De Variant uit Breda en HWP 1. Van Jansen zijn ook de aantekeningen in de volgende partij.

Wit: Helmut Cardon 
Zwart: Ger Timmerman 

illustratie

Helemaal rechts: een blije Quinten Ducarmon

Quinten Ducarmon (1994) is een internationaal meester uit Terneuzen (Zeeuws Vlaanderen). Zijn huidige rating (peildatum januari 2014) is 2456, maar dat zal snel veranderen, want hij is goed bezig. Over zijn toernooioverwinning bij het HZ toernooi te Vlissingen, in augustus vorig jaar schreef Omroep Zeeland:

"Voor het eerst in de geschiedenis van het HZ-toernooi heeft een Zeeuwse schaker het toernooi gewonnen. Quinten Ducarmon (19) uit Terneuzen won samen met Erwin L'Ami (Nederland), Michal Krasenkow (Polen) en Babu Lalith (India) de 17e editie van het grootste Zeeuwse schaaktoernooi.

Ducarmon klopte in de slotronde de Duitser Ilja Zaragatski en eindigde het toernooi met 7,5 punten. De vier schakers delen de geldprijs, maar op basis van weerstandspunten is Michal Krasenkow uitgeroepen tot winnaar van het toernooi. De Pool was ook in 2006 en 2009 al winnaar van het toernooi.

Quinten speelt volgende week mee in een toernooi in Italië en dan stort de Zeeuws-Vlaming zich weer op zijn studie. Binnen een aantal jaren hoopt hij Grootmeester te worden. Er is geen enkele Zeeuw die een Grootmeester-titel draagt".

Rond de jaarwisseling was het weer raak. Bij het 'Abierto Internacional Open' in het Zuid Spaanse Roquetas de Mar wist Ducarmon, net als bij het HZ-toernooi, een gedeelde eerste plaats te scoren. Hieronder zijn partij tegen de Spanjaard Samuel Navarrete Espi. Vooral zijn laatste zet, 48.f8P+ zal hij wellicht met een glimlach hebben uitgevoerd.

Wit: Quinten Ducarmon 
Zwart: Samuel Navarrete Espi 

Nu een modelpartij van Jan Werle tegen Nick Maatman. Jeugdspeler en Nederlands kampioen Maatman kiest voor het Benkö gambiet. Nou, dat heeft 'ie geweten. Werle weet secuur spelend voordeeltje op voordeeltje te stapelen en wint heel fraai.

Pal Benko

Pàl Benko, boek geschreven over 'zijn' gambiet

Benko gambiet: 1.d4 Pf6 2.c4 c5 3.d5 b5. De gangbare lezing is na de derde zet van zwart:
Het Benko gambiet wordt ook wel het Wolga gambiet genoemd. In de jaren 30 van de 20e eeuw speelde Karel Opocensky een aantal partijen met deze opening. Het wordt ook wel het Wolgagambiet of het Opocenskygambiet genoemd. De Hongaarse schaker Pàl Benko beschreef dit gambiet in zijn boek, The Benko Gambit, gepubliceerd in 1974. Russische schakers hebben dit gambiet in de 20e eeuw vaak gespeeld, vandaar de naam Wolgagambiet en ook de Tsjechische schaker Karel Opocensky heeft het gambiet geanalyseerd en gespeeld. Dit gambiet is ingedeeld bij de halfgesloten spelen.

Opocensky

Karel Opocensky, (geen connecties met Al Capone...) pionier in het Wolga gambiet.

Vaak begint de partij als een Konings-Indische en speelt zwart pas later de zetten c5 en b5. Zwart offert een pion om zijn stukken op de damevleugel te activeren. Wit heeft na 3...b5 de keus uit 4.cxb5, 4.a4, 4.Dc2, 4.Lg5, 4.Pd2 en 4.Pf3.

Wit: Jan Werle 
Zwart: Nick Maatman 

Jan Werle (Warnsveld, 15 januari 1984) is een grootmeester die niet zoveel meedoet in toernooien. Werle was jeugdkampioen van Nederland in diverse categorie├źn: in 1994 t/m 10 jaar, in 1996 t/m 12 jaar, in 1997 t/m 14 jaar en in 1999 t/m 16 jaar. In 2001 werd hij meester.
In 2005 debuteerde Werle in het toernooi om het kampioenschap van Nederland dat in Leeuwarden gespeeld werd. Hij eindigde met 4½ punt op de zevende plaats. In januari 2006 werd Werle gedeeld tweede in de C-groep in het Corus-toernooi 2006. Dit was zijn derde grootmeesternorm. Later dat jaar werd hij tot grootmeester benoemd.

Bij het Nederlands Kampioenschap 2006 eindigde Werle als gedeeld 6e met 5½ uit 11. Datzelfde jaar won hij samen met Ivan Cheparinov het Essent Schaaktoernooi in Hoogeveen. In het Corus-toernooi van 2007 speelde Werle in de B-groep. Hij kwam niet verder dan 4½ uit 13, goed voor een 11e/12e plaats.
In 2008 won Werle het kampioenschap van de Europese Unie, voor Nigel Short en Michael Adams.
In 2009 eindigde hij als (gedeeld) laatste in de B-groep van het Corus-toernooi.
Bij het schaakfestival van Groningen in 2009 werd hij (gedeeld) tweede.

Jan Werle

Jan Werle, fraai winnaar in het 4e kampioenschap van de Europese Unie in 2009.

Wit: Viktor Laznicka 
Zwart: Jan Werle 

Paul van der Sterren nam in 1990 deel aan het Mephisto-SKA grootmeestertoernooi in München. Dit toernooi had hij een jaar eerder nog gewonnen, samen met Jeroen Piket. De bezetting was behoorlijk met o.a. de GM's Beljavski, Hübner, Nikolic, Ribli en Jusupov. Hij verwachtte een superzware klus, en dat werd het ook wel. Maar er lukte veel en hij paste heel goed in het rijtje grootmeesters. Met 1 winst en 10 remises werd hij - ongeslagen - zelfs gedeeld tweede. Hier zijn spannende potje met de Duitse großmeister Uwe Bönsch.

Uwe Bonsch

Uwe Bönsch, was tot 2013 jarenlang de bondstrainer van het Duitse team.

Wit: Paul van der Sterren 
Zwart: Uwe Bönsch 

Friso Nijboer

Friso Nijboer, een graag geziene GM bij toernooien, vanwege zijn winstdrang.

Friso Nijboer (26 mei 1965) is grootmeester. Nijboer begon te schaken op het Canisiuscollege in Nijmegen bij leraar Duits Paul Krekelberg op diens schaakclub SMB ('Strijd met Beleid').
Als grootmeester was Nijboer een laatbloeier. Pas na het voltooien van zijn studie in 1989 begon hij aan een carrière als beroepsschaker. In de jaren negentig werd hij grootmeester en bereikte de positie in het Nederlandse schaak die hij sindsdien behouden heeft: een sterke grootmeester, net onder de top.
Sinds 1989 heeft Nijboer aan alle Nederlandse kampioenschappen deelgenomen. Zijn beste resultaat haalde hij in 1993 met een gedeelde 2e tot 4e plaats. In 1996 en 2006 haalde hij de gedeelde 3e en 4e plaats. Van 2002 tot 2004 had hij een voor zijn niveau opmerkelijke reeks desastreuze resultaten: 2½ uit 9, 3½ uit 9 en 2 uit 9. Hij werd in 2005 gedeeld 4e met 4½ uit 9, in 2007 gedeeld 3e, in 2008 gedeeld 6e met 6 uit 11 en in 2009 2e met 5½ uit 9.
Sinds 1996 speelde Nijboer in alle Schaakolympiades mee, doorgaans als veelspelende reserve met prima resultaten. Hij maakte ook deel uit van het team dat in 2001 Europees kampioen werd.

Wit: Friso Nijboer 
Zwart: Heikki Westerinen 

Heikki Westerinen

GM Heikki Westerinen (Fin), speelde veel en woonde zelfs rond 1980 een tijdje in ons land.

Marinus (Rini) Kuijf (1960) is de samensteller van twee dagelijkse schaakopgaven in het Algemeen Dagblad. Hij is een internationaal meester. Als jeugspeler won Kuijf in 1977 het Open Nederlands Jeugdschaak Kampioenschap (ONJK). Hij won in 1980, 1986 en in 1988 het Daniël Noteboom-toernooi en werd in 1989 schaakkampioen van Nederland. In 1994 schreef hij een boekje over de Meranervariant in de schaakopening Slavisch en in 1995 een boekje over de Botwinnikvariant in dezelfde opening. Hij schreef ook een boekje over de schaakopening Weens. Hij heeft al lange tijd een verschil van mening met Dick van Geet, de bedenker van de Van Geet opening, over de waarde van 1.Pc3.

Rini Kuijf

Rini Kuijf, een kritische persoonlijkheid en zeker rond de tachtiger jaren een sterke IM.

Wit: Rini Kuijf 
Zwart: Friso Nijboer 
Wit: Harry Plieger 
Zwart: Rini Kuijf 

Tjerk Zijlstra

Tjerk Zijlstra.